Columns

Elk voor- en najaar schrijft Jack van Haperen een drietal tuincolumns voor Weekblad de Grenskoerier. Soms kritisch, soms lyrisch, altijd enthousiasmerend.

Fabeltjesland

Van tuinieren heeft gelukkig iedereen verstand. En dat is fijn want als gevolg daarvan krijg je vaak "goede adviezen" van deze en gene...

Zo sprak ik afgelopen zaterdag Maria. Ze is kapster en heeft graag alles piekfijn in orde. En dus ook haar tuin en daar hebben wij voor gezorgd. Dankzij die nieuwe tuin heeft Maria in haar salon natuurlijk heel veel tuingesprekken. En krijgt ze ook veel advies. Toen ik bij Maria aankwam, viel het mij op dat overal sneeuw lag behalve op haar, nogal wat meterslange, Taxushagen. De reden van de sneeuwloze hagen werd mij weldra duidelijk. Een van haar klanten had verteld dat sneeuw erg slecht was voor Taxushagen! De hagen zouden ervan uit elkaar kunnen vallen en takken konden bezwijken onder het gewicht. Die sneeuw moest je zo snel mogelijk verwijderen. En dus ging tuintrotse Maria snel met haar bezem door de tuin om de sneeuw uit haar nieuwe Taxusplanten te vegen. Ze werd nog bevestigd door haar overbuurvrouw, die blijkbaar bevriend was met Maria′s klant, die ook aan het "Taxusvegen" was. Omdat het telkens bij sneeuwde had Maria het er maar druk mee.

Een andere relatie, Nellie, had van de zomer ook een "goed advies" gekregen. Toen ik door haar tuin liep, zag ik dat de grond onder de hortensia′s bedekt was met aluminiumfolie. Nellie houdt van hortensia, heeft er dus veel en had er ook nogal een paar rolletjes folie tegenaan gegooid. Wat dat te betekenen had, vroeg ik haar? Dat zat zo: ze had veel last van luizen in haar planten. Die zaten vooral aan de onderkant van de bladeren. Nu had een kennis haar verteld dat die luizen aan de onderkant van het blad gaan zitten omdat ze niet van licht houden. Logisch. Door de weerkaatsing van het licht via de folie, hoopte ze dat de luizen eieren voor hun geld zouden kiezen. Nu weet ik niet alles van luizen, maar lichtschuw? Ik probeerde haar voorzichtig duidelijk te maken dat luizen graag zuigen aan de adertjes waarin de sapstroom plaats heeft, om zich daar mee te voeden. En dat die adertjes vooral aan de onderkant van het blad zitten. "Ach, dan ben ik er toch een tijdje zoet mee geweest", verzuchtte Nellie. En zo is het maar net!

Jack van Haperen

Bomen over bomen

Op markante plekken in een tuin mag ik graag bijzondere boomsoorten toepassen. Dus niet de recht-toe-recht-aan soorten maar iets aparts. Voor dergelijke bomen kun je tegenwoordig bij steeds meer boomkwekers terecht. Zelf graag ik graag naar Boomkweker Chris.Zo ook deze mooie herfstochtend. Heb mijn klant, Godelieve, voor wiens tuin we iets zoeken, net gebeld dat ze het best rubberlaarzen aan kan trekken. Voor je het weet staat ze dadelijk met haar peperdure Uggs in de modder en dat kan ik maar beter voorkomen. Godelieve loopt zelden op onverharde paden en weet niet of ze dergelijke laarzen heeft maar ze gaat op zoek en vind iets dat er op lijkt.

Op de boomkwekerij is het inderdaad drassig. We hebben geluk zegt Chris want de herfstkleuren zijn momenteel het mooist. Dat is inderdaad zo. We hebben nog meer geluk want Chris heeft tijd om mee rond te lopen. Hij raakt over zijn bomen nooit uitgepraat. We vertellen voor wat voor een plek we iets nodig hebben en starten onze zoektocht. Hij toont ons exemplaren van Morus alba "Macrophylla". Ik ben huiverig voor de toepassing van deze soort omdat ie vaak veel last heeft een hardnekkige wolluis. Chris leert mij dat die luizen alleen voorkomen op in Italië gekweekte bomen, zijn bomen hebben er nooit last van en dat is te zien. We willen toch iets met een mooie herfstkleur. Wellicht is de Cercidyphyllum canadensis "Forest Pansy" iets. Chris vraagt of ik dat wel zeker weet? Is dat niet een beetje dellerig rood? Okay, we zoeken verder. "Weet je wat een mooie herfstkleur heeft?", zegt de kweker: "Liquidambar styraciflua "Worplesdon". Ja, daar heeft de kweker gelijk in maar ook daar heb ik slechte ervaringen mee. Nog deze zomer brak zo’n boom bij een klant net boven de grond spontaan af. "Dat komt omdat die soort gestekt moet worden. Enten lukt niet omdat de onderstam niet goed met de ent vergroeit", legt Chris uit. Weer wat geleerd. Ons oog valt op Cercidiphyllum japonicum. De kweker vertelt dat dit een kleine boom lijkt en laat ons daarom een volwassen exemplaar zien. Het is duidelijk, die wordt het ook niet. Maar dan zien we iets bijzonders staan: Cornus kousa chinensis, wordt vaak gekweekt als struik, maar Chris heeft ze doorgekweekt als boom. Het zijn werkelijk beauty′s, Ze hebben een grillige vorm, bloeien in de zomer en hebben een fraaie herfstkleur. Ook bij Godelieve slaan de vonken over, de deal is snel rond.

Jack van Haperen

Krokusvakantie

"Pappa, is het al bijna krokusvakantie?", vroeg een van mijn kinderen vanaf de achterbank in de auto. Ik begreep de achterliggende gedachte van de vraag niet en vroeg om uitleg. Het was immers oktober en als er iets niet op korte termijn in het verschiet lag, was het de lente. "Nou dat zijn toch krokusjes die daar staan te bloeien?", was de verontwaardigde reactie vanachter mij. Begreep meteen wat werd bedoeld. Op een rotonde stonden tientallen exemplaren herfststijlloos uitbundig lilakleurig te bloeien. En als je niet beter wist, dacht je dat dat krokusjes waren. En met de herfstvakantie in het verschiet was de koppeling snel gemaakt.

Herfststijlloos (Colchicum autumnale) is net als de krokus een bolgewas. Met dit verschil dat eerstgenoemde in het najaar bloeit.

Persoonlijk heb ik al vanaf de eerste kennismaking een bloedhekel aan het bolgewasje. Niet dat het plantje daar in eerste instantie zelf iets aan kan doen. Ik maakte in mijn Boskoopse studietijd ooit een scriptie over het gewas. Het bleek namelijk dat je met een abstract van het bolgewas, genaamd colchicine, genetisch kon manipuleren. En dat vond ik destijds bijzonder interessant. Breng je tijdens de bevruchting van een bloem een beetje van dat abstract aan, dan kan een genetische verandering bij de vruchtvorming ontstaan. Op deze wijze probeerden ze destijds een grootbloemige gele Clematis te ontwikkelen. Voor de scriptie werd ik begeleid door een onderzoekster. Een aardige dame met een nadeel, ze had altijd een ongelooflijke zweetlucht om zich heen. Zie ik herfststijlloos, ruik ik zweetlucht.

Daar komt nog bij dat herfststijlloos bijdraagt aan de seizoensverloedering. Dat werd nu weer eens door mijn eigen kinderen bevestigd. Net zoals je in augustus bij de supermarkt uit moet leggen dat er wel al pepernoten te koop zijn maar dat Sinterklaas nog heel lang wegblijft, moet je bij bloeiende herfststijlloos uitleggen dat het nog lang geen lente wordt.

Besloot uit opvoedkundig oogpunt meteen naar het tuincentrum te rijden. Even een flinke zak krokussen scoren.

Jack van Haperen

Indian Summer

"Je kunt voelen dat de herfst in aantocht is. Het is al weer een stuk vochtiger ′s ochtends. " Ineke geeft haar planten water. Haar Franse landgoedje biedt ons onderdak deze dagen. Haar dagelijkse werkzaamheden gaan altijd gepaard met een kort gesprekje. Vanuit mijn hangmat lach ik haar vriendelijk toe. Ben erg relaxed dus de woorden komen langzaam binnen. Herfst, denk ik. Heb het gevoel dat ik die in Nederland met al die regen in augustus net achter de rug heb. En nu, hier in Frankrijk, voel ik pas de zomer die we in Nederland moesten ontberen. Ik verkeer seizoenmatig dus duidelijk in een "state of shock". Vandaag zit ik daar niet mee, geniet van het uitzicht en koester de zon op mijn bolle voorhoofd.

Graag ga ik in op de uitnodiging van Ineke om haar grote tuin eens te bekijken. Vijftien jaar geleden streek ze hier met haar man neer. Moe van Nederland, moe van de welbekende "ratrace". Hier vonden ze rust. Van de vervallen Provençaalse boerderij maakten ze een fraai landhuis. Ook de tuin namen ze onder handen. Gezien het grote formaat van het perceel proberen ze een compromis tussen cultuur en natuur te vinden. Niet te veel ordening. De plantkeuze past bij de plaatselijke groeiomstandigheden, dus veel olijfbomen, Agave, lavendel en rozemarijn. De planten trakteren je telkens op een vleug van hun kruidachtige geur bij het voorbijlopen.

Ineke is ook kunstenares en dus staan her en der verspreid in de tuin objecten van haar opgesteld. Ze zijn duidelijk geïnspireerd door de omgeving en hebben organische vormen en natuurlijke kleuren. Klassieke muziek klinkt uit haar atelier. Het houten gebouw staat op het hoogste plekje van het perceel en dat biedt een adembenemend uitzicht. De structuur van de tuin wordt bepaald door keermuren van stapelstenen die het perceel terrasvormig maken als rijstvelden. Een triest verhaal vertelt Ineke bij het kruidentuintje dicht bij de boerderij. Ze heeft het aangelegd als monument voor haar zoon die acht jaar geleden bij een verkeersongeluk om het leven kwam. De symboliek schuilt in het gegeven dat hij kok was. De aanleg nam ze zelf ter hand en deed dienst bij de rouwverwerking, het resultaat is een dynamische en blijvende herinnering.

De zon hangt laag en Ineke nodigt ons uit voor een wijntje op het terras onder een prieel met een al geel verkleurende blauwe regen. Santé op veel Indian Summer in de herfst.

Jack van Haperen

Aards paradijs

Vandaag bezocht ik voor het eerst de plek waar hun nieuwe villa werd gebouwd. Het oriënterende gesprek voor het ontwerp van de tuin had bij mij op kantoor plaats. Toen was het ter plekke nog een woestenij. Niet dat daar nu al veel aan veranderd was. Ik trof er een gigantische bouwput. Met stapels stenen, matten betonijzer, hout in alle soorten en maten en stof, vooral veel stof. Dat was natuurlijk niet zo vreemd, na een al met al gortdroge zomer. Een paar oranje barakken temidden van alle rotzooi boden het jonge gezin voor het moment onderdak. Een schril contrast met de supermoderne villa die ze straks met hun vier kinderen zouden betrekken.

Een dergelijk contrast wilden ze straks ook met hun tuin bewerkstelligen. Werd het gebouw opgetrokken uit beton, staal en veel glas, de tuin moest een natuurlijk karakter krijgen. Dat zou vast een heel mooi effect gaan hebben omdat de twee verschillende karakters elkaar zouden versterken.

Er was veel te zien op het bosperceel en er moesten daarom ook keuzes worden gemaakt in wat wel, en wat niet, mocht blijven. De vrouw des huizes leidde me rond. Achter wat bosschages leek een open plek te liggen en die wilde ik graag zien. "Daar ligt m′n moestuin al, en die moet daar ook blijven," gaf ze aan. Ik stapte door de heg en wist niet wat ik zag: temidden van deze wildernis lag een aards paradijs! Ze had er een groente- en bloementuin en die zag er zo begin augustus blijkbaar op z′n bekoorlijkst uit. De vleestomaten hingen mooi in de zon te kleuren, de aardappels stonden klaar voor de oogst en de doorgeschoten andijvie bleek mooie lichtblauwe bloemen te geven. Mocht om die reden nog even blijven staan. "Ik wil mijn kinderen graag gezonde voeding geven", vertelde ze. "Dat is ook een van de redenen dat we hier wilden gaan wonen, meer ruimte en dichter bij de oorsprong, bij de natuur. Van wat ik ze uit mijn tuin geef, ken ik de historie. Het smaakt bovendien ook allemaal tien keer beter. Bovendien vind ik hier de rust in mezelf die ik elders niet kan krijgen."

Aansluitend aan de moestuin lag een kippenweitje en een nog niet ingevuld terreintje. "Voor mijn verjaardag vraag ik een varken dat daar mag scharrelen. Zijn we straks helemaal zelfvoorzienend."

Jack van Haperen

Handkerchieftree

De zomerperiode is bij uitstek geschikt om opengestelde tuinen te bezoeken. Doe je dat op vakantie, dan ben je sowieso vaak al in de goede "mood" om geïnspireerd te worden. En, afhankelijk van het type, kan een tuin je stemming in hogere sferen brengen, word je almaar vrolijker, enthousiaster en voelt het soms uiteindelijk als pure verliefdheid.

Jarenlang toog ik met mijn eega aan het begin van de jaren negentig naar Engeland om tuinen te bezoeken. Voor iemand die de Engelse tuinen niet kent, gaat er een wereld open. Wij trokken met ons tentje rond en maakten er een strijd van om op een dag zoveel mogelijk tuinen te zien. Als halve zotten renden wij soms door tuinen en zagen dan pas thuis op de dia′s wat wij eigenlijk daar hadden moeten zien. Na een tijdje namen we er wat meer rust voor en zagen we steeds meer. Als we nu in Engeland zijn is er een tuin die we in elk geval altijd met een bezoek vereren: Sissinghurst Castle and Gardens in Cranbrook. Het is het landgoedje van de befaamde Engelse tuinschrijfster Vita Sackville-West. Het wordt nog steeds door de National Trust in stand gehouden zoals het er ruim zestig jaar geleden werd achtergelaten.

In Italië bekeken we ooit de overdadige hoeveelheid watervallen van Villa D′este in Tivoli. Het bezoek werd overschaduwd door het gevoel dat we onze auto waarschijnlijk opengebroken terug zouden vinden: je hoorde de hele dag alarmen afgaan.

Nog dit voorjaar trok ik er met mijn collega′s/medewerkers op uit om in de omgeving van Dusseldorf tuinen te bekijken. Op aanraden van een goede relatie bezochten we Insel Hombroich in Neuss. Het is een natuurpark. In het park staan verschillende supermoderne sculpturale gebouwen. Dat geeft een fascinerend contrast. Het park toont ook een uitgebreide collectie beeldende kunst. Niet ver daar vandaan ligt Schloss Benrath in Dusseldorf. Je waant je terug in de tijd wandelend over de paden van de slottuin. Bij het park ligt ook het Duitse tuinkunstmuseum dat een heel goed overzicht geeft van de Europese tuinkunstcultuur.

Het maakt trouwens niet eens uit of je veel leert van zo′n tuin. Het gaat er gewoon om dat je ervan geniet. Dat de schoonheid je streelt en dat de geluiden je pakken. Want geluiden van de wind, water, de vogels maar ook van de mensen voegen veel aan de beleving toe. Het klinkt in het buitenland vaak poëtischer. Zo hoorde ik ooit een Engelsman tegen zijn vrouw zeggen: "Darling, look over there, that′s a handkerchieftree". En zeg nou eerlijk dat klinkt toch heel anders dan: "Schatje, kijk daar, een zakdoekiesboom". Fijne vakantie.

Jack van Haperen

Just Jouy

Vol goede moed reed hij naar huis. Het beloofde een leuk weekend te worden. Zaterdag zou hij de hele dag in zijn tuin gaan werken en dat was een van zijn grootste hobby′s. Dat was maar goed ook, want zijn vrouw had niet bepaald groene vingers. Die was meer van het interieur. En dan was de zondag ook nog Vaderdag, ook altijd een leuke dag. In het kader van Vaderdag mocht hij bepalen wat ze die dag gingen doen en hij was van plan met zijn gezin die zondagmiddag het Floriade-terrein in Venlo te bezoeken. De wereldtuinbouwtentoonstelling zou er pas over twee jaar plaats vinden, maar kon nu voor de allerlaatste keer in opbouw bekeken worden. Na zondag zou het publiek er pas over twee jaar weer terecht kunnen.

Toen hij de oprit opreed, sloeg de schrik hem om het hart. Uit zijn groene container zag hij zijn favoriete rozenstruiken steken. Zijn "Just Jouy"-rozen die hij jaren zo had gekoesterd. Het waren zalmrooskleurige, heerlijk geurende, rozen. Maar die van hem geurden niet meer. Hij graaide in de afvalbak en zag er ook zijn lavendelstruiken en roodbladige purperklokjes in zitten. "Ik word gek", dacht ′ie en hij rende naar zijn achtertuin. Er hing een bord aan het tuinhek: "In verband met Vaderdag is deze tuin gesloten tot zondagochtend" stond er op. Nou ja, het moest niet gekker worden! Vanuit zijn schuifpui zag hij een groot stuk plastic op de hoek van zijn terras liggen. Daar stonden voorheen zijn "Just Jouy′s"! Wat eronder zat, kon hij niet zien. En hij mocht natuurlijk niet gaan kijken want daarmee zou hij onnodig op het tere zieltje van zijn lieve dochtertje trappen.

Zaterdag in de tuin werken, kon hij nu wel vergeten. Zijn eigen tuin was nota bene verboden terrein. Waarschijnlijk zou hij zich in plaats daarvan de hele zaterdag gaan verbijten over de vraag waarvoor en waarom zijn "Just Jouy" s′ hadden moeten wijken. En hij moest natuurlijk gaan oefenen op een blij gezicht als zijn cadeau zondag werd onthuld.

Zijn dochtertje had een prachtig gedicht gemaakt. In het cadeau van dit jaar kwamen allebei zijn hobby′s tezamen: tuinieren en culinair koken. En nu mocht hij het zeil er af trekken. En daar lag zijn eigen minigroentetuin. Een houten bak, keurig verdeeld in negen vakken. Als pakketje compleet geleverd met negen zakjes zaad. De bouwmarkt speelde hiermee handig in op de ambachtelijke behoefte van de consument op eetbare dingen uit eigen tuin. "En pap?" vroeg zijn dochtertje hoopvol. "Och meid, ik ben er zo blij mee. Kan ik voortaan mijn eigen salades zien groeien", sprak hij enthousiast.

Jack van Haperen

Paus Pius

O, kijk hier, de paus komt ook een voordrachtje doen, zei de man naast me. Ik zat op een dagje nascholing en een mij tot dat moment onbekende collega bestudeerde hardop het lijstje van de sprekers die vandaag de revue zouden passeren. Om als hovenier met onder meer chemische middelen en sommige meststoffen te mogen werken, moet je sinds een aantal jaren een zogeheten spuitlicentie hebben. Om die licentie te verlengen moet je gedurende vijf jaar studiepunten vergaren. Met dat doel hadden mijn vakgenoten en ik ons in dit muffe zaaltje verzameld.

Op de lijst van sprekers stond ook de bijzondere naam "Pius Floris" vermeld. Met zo′n naam werd hem blijkbaar meteen een pauselijke titel toegedicht. Nu kende ik die naam nog van zo′n twintig jaar geleden. In die tijd was deze meneer nog, om het maar bij dezelfde titulatuur te houden: "Paus boomverzorging". Hij had een geheel eigen kijk op dat vak en wist dat ook enthousiast te prediken. Zijn boomverzorgingsbedrijf floreerde en groeide als geen ander. Inmiddels had hij dat bedrijf verkocht en verkondigde hij een ander "geloof". Hij had zich volledig gestort op de werking en het belang van mycorhizza′s op de groei van planten. Voor de duidelijkheid: mycorhizza′s zijn schimmels. Deze schimmels zijn voor planten onontbeerlijk bij het groeiproces. Dat vertelde Pius ons ook deze dag weer. En, zonder het nu al te moeilijk te willen maken, in het kort een van de belangrijke principes. Rondom een jonge plantenwortel zit een dun laagje vocht. Van dat vocht willen mycorhizza′s graag gebruik maken. Nu blijkt het zo te zijn dat hun aanwezigheid de opname van voedingstoffen enorm stimuleert. Planten en wortels gaan dus veel beter groeien. Breng je in grond voedingstoffen voor mycorhizza′s aan en de schimmels zelf, dan gebeuren er soms bijzondere dingen. Inmiddels zijn er allerlei meststoffen op de markt die op dit principe inspelen. Pius Floris toonde ons tijdens de studiedag een voorbeeld van een proef die hij had opgezet in een kopermijn in Amerika. Door toepassing van de schimmels was een desolate mijn omgetoverd in een groene oase. Inmiddels reist Pius Floris de hele wereld over om over zijn verrichte "wonderen" uitleg te geven.

Zo had mijn buurman stilletjes nog gelijk. Want na zijn baanbrekend werk op het gebied van boomverzorging, was Pius inmiddels door heel wat lieden binnen de vakwereld heilig verklaard op het gebied van bodemverbetering met behulp van mycorrhiza′s. En dan zeggen ze wel eens What′s in a name?

Jack van Haperen

Een spannend cadeau

We stonden op veilige afstand te wachten. Zodra we zijn bolide in de verte de bocht om zagen gaan richting Eindhoven voor een dagje kantoor in Amsterdam, zouden we in actie komen. Maar ja, wachten duurt altijd langer dan je wilt. En zeker vandaag, want vandaag telde elke minuut. Hij zou wel rustig aan doen. Het was per slot van rekening zijn verjaardag. Eerst even het krantje en een croissantje. Zijn cadeautje kreeg hij nog niet, dat bewaarde zijn vrouw nog even voor vanavond, had ze gezegd. "Mmm schat, spannend", zei hij suggestief .

Spannend zou het voor ons in elk geval vandaag ook worden. Of we zijn cadeautje wel op tijd klaar zouden hebben. Want manlief kreeg van zijn liefhebbende echtgenote een mooie vijver. Daar was nu nog niets van te zien, maar waar nu nog gras lag, moest vanavond een fontein staan sproeien.

Toen zijn auto voorbij zoefde, gaven wij minstens zo veel gas richting zijn domein in de Sterkselse bossen. We hadden van tevoren de plek al besproken. En ook stond vast dat we een strakke vijver in deze bostuin niet zo vonden passen. Nee, het werd deze keer een organische vrije vorm. De vijver kwam, eveneens heel natuurlijk, op een van de laagste plekken van de tuin te liggen. Daar waar je water zou verwachten, zeg maar. Aan de rand van het gazon tegen bosschages van rododendrons. Vrij snel waren we het over het uitzetwerk eens en kon de minigraver het grove graafwerk starten. Handmatig werd de vijver, die toch nog wel een meter of negen lang werd, verder geprofileerd. We stelden paaltjes en bevestigden daaraan de hardhouten latten. Het beschermdoek kon worden gelegd en daarop kwam de rubber vijverfolie. Waren wij voortvarend te werk gegaan, de waterdruk liet ons in de steek. Met dit slome straaltje was de vijver over een week nog niet gevuld. Gelukkig waren er twee buurmannen met lange tuinslangen. Om de vijver een zekere mate van helderheid te garanderen werd een UV-filter opgesteld. Een onder water geplaatste pomp circuleerde water naar zowel de fontein als het filter. Eind van de middag, de vijver was vol maar er omheen was het nog een ravage. De beplanting voor de achterzijde stond klaar en kon worden geplant. Aan de voorzijde legden we graszoden tot aan de waterrand. Zijn vrouw wachtte hem ′s avonds op bij het tuinhek. "Nogmaals gefeliciteerd met je verjaardag schat", zei ze. Toen hij opkeek bij de omhelzing vielen zijn ogen uit hun kassen.

Jack van Haperen

Het Tuinpad op...

Ze kwamen het tuinpad op, de dames van de Lady′s Circle Roermond. Als tuinontwerper en hovenier was mij gevraagd deze vrouwen een avond te vermaken door ze rond te leiden door een aantal van "onze" tuinen. Grappig is het dan altijd om te zien dat alle rollen in zo′n gezelschap weer netjes zijn verdeeld. Er is altijd een "betwetertje" bij, die moet je snel een compliment geven; is ze verder rustig. Ook loopt er meestal een stil en verlegen muurbloempje achteraan, je doet iets extra′s om die er bij te betrekken. En dan is er de vrolijke gangmaker, die het gezelschap draagt en maakt dat het een gezellige bijeenkomst wordt: vanaf dat moment kende ik Yvonne.

Ze was sinds die avond onder de indruk van ons werk, nodigde mij uit en gaf opdracht plannen te maken voor een aantal wijzigingen in haar tuin. Er ontstond een duurzame zakelijke relatie. Dat ging altijd gepaard met een hoop plezier en humor. Kreeg ik een telefoontje "of ik weer eens wat lekkere mannen wilde sturen". De hoveniers kwamen er maar al te graag: ze werden gerespecteerd en als blijk van waardering overstelpt met koffie, koek, soep en weet ik wat al niet meer. En altijd was er die gulle lach. Stond je op een beurs, kwam ze als "fan" even kijken en hoorde je haar al van ver aankomen. Er kwam ook werkelijk iemand binnen: mooi, verzorgd, hip, modern, spontaan, hartelijk, enthousiast en empatisch. Vol energie.

De mooiste bloemen worden als eerste geplukt. Dat weet je, zeker als hovenier. De tijding kwam een paar jaar geleden dat Yvonne ernstig ziek was. Ze liet het er niet bij zitten en ging de strijd aan. Wel was ze genoodzaakt meer thuis te verblijven. De kleine gebeurtenissen in haar tuin werden voor haar heel groot. Zo genoot ze bijvoorbeeld intens van de bloei van haar pluimhortensia′s of de lichtval op het gazon. En nog afgelopen september maakten we een nieuw vlonderterras met jacuzzi dat weer tot een heel andere vorm van tuinbeleving leidde.

Met carnaval is ze begraven op een natuurbegraafplaats vlakbij het Limburgse dorpje waar ze woonde.

Heb haar beloofd dat ik jaarlijks op haar verjaardag met mijn collega′s aan de vlaai zal zitten. Opdat we de gulle lach en het enthousiasme van deze bijzondere tuinbezitster nooit vergeten.

Jack van Haperen

Blauwe maandag

Zij had geen last van blauwe maandag, de januaridag die wereldwijd was uitverkozen tot meest depressieve dag van het jaar. Integendeel. Nu de sneeuw in haar tuin na vier weken eindelijk weer was weggesmolten, leek het alsof alles veel groener was dan voor de vorstperiode. Zo zag het er dus uit vroeger, dacht ze enigszins overdrijvend. Ze ging naar buiten en voelde ook meteen dat de lucht anders was, het rook naar voorjaar. En de geluiden klonken eveneens als lente. Nee, ze had ook naar een elfstedentocht verlangd maar nu ze dit proefde, hoefde het niet meer. Doe maar in 2011, sprak ze tot zichzelf.

Ze was er meer aan toe om nieuwe plannen voor haar tuin te gaan smeden. Want, ze vond haar tuin wel erg 2002. En nu er een nieuw decennium was aangebroken, wilde ze weer eens iets anders. Ze sloeg een boek open met daarin de nieuwste tuintrends. Zou ze voor "Romantiek" gaan? Ze las dat er veel mensen waren die behoefte hadden aan romantiek als reactie op de weinig florissante buitenwereld. Ze zou dan aan de slag moeten met prieeltjes, fonteinen, slingerende paden, rozen en bloeiende klimplanten. Maar, ze was niet zo van de strikken en de franjes dus las ze verder.

Zou ze dan voor de "Makkelijke Tuin" gaan; een vrolijke tuin met veel creatieve en decoratieve elementen die een zekere vrijheid uitstraalt? Het zou dan een mix moeten worden van ambachtelijke maar ook hedendaagse producten. Want, ambachtelijk dat was nu ook weer een trend. Mensen hielden na de periode waarin bleek dat het grote geld ook maar een bedrog bleek te zijn, weer van puur, en eerlijk. Ze zou in dit tuintype planten moeten plaatsen met de meest uiteenlopende kleuren. En zo leek deze tuin dan heel ongedwongen en nonchalant wat juist het tegendeel was. Er was met precisie getracht het zo rommelig mogelijk te laten lijken.

Ze werd geraakt door het derde type trendtuin waarover ze las. De "Gesloten Transparante Tuin". Dat is een soort tuin die een beetje opgaat in de omgeving, een stukje natuur lijkt dat toch ook de nodige beschutting heeft. Design, unieke elementen en speciale planten hebben een plaats in dit soort tuinen. Het kleurenpallet in zo′n tuin is bescheiden met hier en daar wat accenten. Ja, dit moest het worden, een dergelijke tuin wilde ze ook. Bleek dit type tuin vooral geliefd te zijn bij mensen die echte liefhebbers zijn van tuinieren en vakmanschap hoog in het vaandel dragen, in marketingtermen ook wel het "blauwe tuintype" genoemd. Werd het toch nog een blauwe maandag.

Jack van Haperen

Plant van de dag

We hebben sinds een maand een nieuwe leerling-hovenier op het bedrijf. Hij heet Robin en, zoals dat vaak gaat, al bij de eerste kennismaking weet je wat voor vlees je in de kuip hebt. Bij hem is dat positief: Robin heeft het: dat wordt vast een goede hovenier. Hij regelde zijn stage ook al in april terwijl veel van zijn "soortgenoten" dat pas op de eerste schooldag doen. En op de laatste stagedag komen ze dan meestal met het concept stageverslag met het verzoek of je dat ’s nachts even wilt lezen. Zo niet bij deze jonge student: op de eerste dag vroeg hij al om een interview dat de basis voor zijn verslag moest worden. En elke dag vraagt hij om een nieuwe "Plant van de Dag", die hij dan op de betreffende stagedag in zijn systeem hamert. Zo probeert hij snel zijn sortimentskennis uit te breiden. Een goede vondst.

Dat hebben ook veel organisaties gedacht die een bepaald product uit de groene sector onder de aandacht van het grote publiek willen brengen. Zo hebben we de "Bol van het Jaar". Dat is dit jaar de Allium aflatunense, 'Purple Sensation', een soort sierui. En dan is er natuurlijk ook een "Vaste plant van het Jaar". Die titel werd dit jaar toegekend aan een volledige groep planten: siergrassen. 'Grassen zijn helemaal in en je kunt ze door hun diverse vormen en structuren op allerlei manieren gebruiken in de tuin', aldus Plant Publiciteit Holland. De grassenfamilie omvat zo'n 8.000 verschillende soorten, dus daar kunnen we wel een heel jaar mee vooruit. Niet vergeten mag worden: "De Boom van het Jaar". Deze eer viel in 2009 te beurt aan een boompje, dat ook geschikt is voor de kleinere tuin Prunus ceracifera "Nigra". Het is een opvallende boom met een ovale tot ronde kroon die vaak iets bochtig groeit. De hoogte is circa 6-8 meter. De glanzende schors is donker- tot paarsbruin. Jonge twijgen zijn donkerrood. Deze boom bloeit in maart-april tijdens het uitlopen van het blad. De roze enkelvoudige bloemen worden soms gevolgd door donkerrode vruchten. Prunus ceracifera "Nigra" verlangt een vruchtbare en vochthoudende grond. Tot "De Tuin van het Jaar" werd onlangs een tuin in Breda verkozen. Uitgangspunt voor deze tuin vormt het duinlandschap. Dit natuurlijke uiterlijk contrasteert met het moderne huis dat in de tuin staat.

Mijn "Plant van de Dag" is vandaag "Cimicifuga ramosa Atropurpurea". Dat is een roodbladige zilverkaars die nu, eind oktober, nog trots staat te bloeien. En Robin, onze leerling-hovenier? Die wordt vast "Stagiaire van het Jaar".

Jack van Haperen

De boomchirurg

Het was zaterdagmiddag en ik belde een kennis. Hij nam op en meldde dat hij weinig tijd had voor een gesprek. Er was een boomchirurg in zijn tuin bezig en daar wilde hij graag bij zijn. ,,Dan bel ik je later wel een keer terug, zei ik en hing op. Het was lang geleden dat ik het woord "boomchirurg" had gehoord. Wat was die beste man dan aan het doen? Hing hij gekleed met een witte jas in een boom? Onder aan de boom stonden vast een paar assistentes het juiste gereedschap aan te geven voor "de operatie".

De term boomchirurg dateert uit een tijd dat men dacht met frezen en snijden bomen weer gezond te maken. Het tegendeel bleek een feit en de chirurgie was achterhaald: de boom herstelt zichzelf het best. Vaak gaat het niet goed met bomen omdat de ondergrondse omstandigheden slecht zijn. Beter is het dan om van de boom zelf af te blijven maar wel aan standplaatsverbetering te doen. De bodem verbeteren dus of lucht inbrengen.

Het kan wel goed zijn om bijvoorbeeld schurende takken uit bomen te halen, of bomen uit te lichten. Mensen die dat doen heten tegenwoordig weer gewoon boomverzorgers. Hele goeie gecertificeerde boomverzorgers heten dan, in goed Nederlands, "European Tree Worker".

In de meeste tuinen worden bomen echter niet echt verzorgd maar "toegetakeld". Dat zit hem in het eenvoudige gegeven dat de meeste bomen voor de gemiddelde tuin veel te groot worden. En dus moet er of worden gerooid of worden gesnoeid. Er zit gewoonweg niets anders op. De meeste boomverzorging heeft dus niet plaats aan zieke bomen maar juist aan de exemplaren die kerngezond zijn omdat ze te hard groeien en te groot worden.

Kandelaberen is wat dan vaak gebeurt. Dat is een term die wordt gebezigd als van een boom een soort grote kandelaar wordt gemaakt. Alleen de hoofdstam en enkele zijtakken blijven dan staan. De rest gaat er af. Op deze kandelaarvorm komen dan nieuwe takken die meestal na één of twee jaar opnieuw worden verwijderd. Het is in veel gevallen een goede oplossing. Het kan echter niet bij elke boomsoort. Lindes en kastanjes kunnen het bijvoorbeeld prima aan maar eiken en beuken gaan aan de snoeivorm ten onder.

Als u nog iets te snoeien of kandelaberen hebt in uw tuin, denk er dan aan dat de noot, kastanje, esdoorn en berk voor de jaarwisseling moeten worden aangepakt. Door de vroeg op gang komende sapstroom gaan die bomen bij het snoeien in het voorjaar bloeden. U hoeft overigens niet per se in de winter te snoeien, in de zomer is dat eigenlijk veel beter. Dan kunnen bomen hun wonden meteen herstellen, weer dichtgroeien.

Hoe dan ook, de verzorging van bomen is beslist een vak voor professionals. En bovendien een vak dat niet zonder gevaren is. Nog zeer recent kwam een collega in het westen van het land om het leven bij het dunnen van bomen doordat hij werd getroffen door een vallende tak. Voorzichtigheid is dus geboden. En pas ook op voor "boomchirurgen", die opereren waarschijnlijk vooral het saldo van uw bankrekening.

Jack van Haperen

Bostuin & duintuin

Een mevrouw met een villa en daar omheen een bostuin belde ons op: ,,Het is nu weer najaar en er moet eens flink worden gesnoeid. Bovendien moeten er ook eens wat dingen worden veranderd. Ik weet me er eigenlijk geen raad mee. We willen met ons drukke leven geen tuin waar veel onderhoud aan is maar zoals het er nu uitziet, voldoet het ook niet. Kortom: de schop moet er in! Deze mevrouw had er duidelijk in, dus ik maakte op korte termijn een afspraak met haar.

En u, hoe ervaart u het najaar? Inspireert het u ook tot het aanbrengen van veranderingen in uw tuin? Kijkt u vol verwondering naar de prachtige herfsttooi van struiken of bomen? Of bent u meer van type dat in een depressie schiet omdat uw bikini of zwembroek voorlopig in de kast kan?

Persoonlijk verheug ik me altijd op het najaar. Niks lekkerder dan met een frisse neus in de buitenlucht aan het werk of aan de wandel te zijn. In de zomer ontneemt het benauwde weer al snel de lust tot hard werken en breekt bij de minste beweging het zweet je uit. En nog los daarvan: als tuinontwerper en hovenier ligt er in het najaar toch weer een heel seizoen in het verschiet waarin alles in een tuin mogelijk is. Heb in de zomer toch altijd het gevoel dat de boel een beetje op slot zit. Nu gaat alles van het slot en kan er weer van alles worden verplant.

Ik toog naar de mevrouw met de bostuin en zag eigenlijk vrij snel wat er aan de hand was. De tuin was een rommeltje. Geen rommeltje wat betreft het onderhoud maar meer met betrekking tot de stijl van alle tuinelementen. Haar tuin was al vijftig jaar oud. En, hoewel het in de basis een echte bostuin is, was er door de jaren van alles aan toegevoegd. Een paar romantische tuindecoraties bijvoorbeeld. En een romantisch laantje van mini-seringen op stam. Ik moest even denken aan de kersverse winnende "Tuin van het Jaar". Dat is deze keer een zogeheten "duintuin" in Breda. De tuin ligt bij een woning die aan een meer staat. De bewoners houden erg van de kust en dus is de tuin in een duinlandschap veranderd, compleet met strand en helmgras. Nou mag je op zo’n tuin best kritiek hebben, ik vind hem overigens prachtig, maar één ding staat vast: de tuinstijl is consequent toegepast en sluit ook nog aan bij de omgeving.

Dat was precies wat mankeerde aan de eerder genoemde bostuin. Die moest worden teruggebracht naar het pure karakter dat ie ooit gehad heeft. Ik stelde de eigenares voor alle overtollige ballast te verwijderen en er weer een echte bostuin van te maken. De ornamenten te gelde maken op Marktplaats en de seringenboompjes te verwijderen. Een prachtige solitair staande Zelkova serrata ontdoen we van allerlei suffe struiken die er omheen hangen en komt weer vrij in het gazon te staan. Vrij snel kwam de vraag wanneer we kunnen beginnen. Heerlijk! Najaar!

Jack van Haperen

Wordt wereldverbeteraar

Ik las een citaat van de Britse kunstenaar Ian Hamilton Finlay: ,,You can change a bit of the actual world by taking out a spade of earth.Op de schouders van iedere tuinier rust dus de schone taak iets aan de wereld te verbeteren en, zeg nou eerlijk, wat is er mooier dan dat? Nu de zon hoog aan de hemel staat en de lente echt is losgebarsten, is het de hoogste tijd de tuin onder handen te nemen. Voordat u, als echte wereldverbeteraar, met het grote werk begint, zou ik eerst een "rondje onkruid" doen want met het stijgen van de temperatuur, stijgen ook de onkruiden met rasse schreden op uit de aarde. Pluk vooral dat vervelende springzaad uit en doe het meteen in uw groene container, laat u het liggen dan hebt u veel kans dat het bij het eerste regenbuitje weer aangroeit. Ook kan het zaad van het plantje kiemen en weer voor nieuw onkruid zorgen. Het is dus beter om het maar meteen af te voeren. Als de tuin van het onkruid is ontdaan, kan het grote werk beginnen. De kanten steken van het gazon bijvoorbeeld. En neem ook de snoeischaar ter hand. Heesters die op eenjarig hout bloeien, kunt u nu nog helemaal terugsnoeien. Het snoeien van bomen is nu niet echt ideaal. Veel soorten bloeden als gevolg van de sapstroom die op gang is gekomen. Beter is het dus even te wachten tot ze in blad staan. Voordeel daarvan is bovendien dat dan ook meteen de wonden die u maakt door de boom worden afgegrendeld, hetgeen in de winter niet het geval is. Beoordeel ook alle vasteplanten en grassen of ze toe zijn aan een scheurbeurt. Vaak worden ze na een aantal jaren te groot. U kunt ze uitlichten en met de schop doorsteken. Plant vervolgens de jonge delen die aan de buitenrand van de oude pol zaten terug. Die zijn vitaal en hebben dus de meeste groeikracht. Bent u klaar met wieden, steken, snoeien en scheuren, verwen uw tuin dan vooral ook met nieuw voedsel. Gebruik bij voorkeur organische meststoffen: die bevatten behalve de nodige belangrijke mineralen ook tal van sporenelementen en bacterién die het bodemleven stimuleren. En daarmee komt u tot betere resultaten.

Aan de slag dus in uw tuin. Niet voor niets heeft tuinauteur Margery Fish ooit geschreven: ,,Planten zijn net als kleine kinderen: ze weten wanneer ze door een amateur worden behandeld. Ben dus vastberaden en houdt voet bij stuk bij het verbeteren van uw stukje wereld.

Jack van Haperen

Met pensioen

Onlangs stond ik in een tuin waar ik meer dan een kwart eeuw geleden mijn eerste stagedag beleefde. Ik snoeide er Spireae bumalda "Anthony Waterer" maar ’s nachts kon ik er niet van slapen. Want, hoewel mijn baas duidelijk had gezegd dat ik de struikjes helemaal af moest knippen, kon ik niet begrijpen dat het nog ooit goed kwam met ze. De heestertjes kwamen mooier terug dan ze ooit waren geweest en dat gaf mij het nodige vertrouwen om het hoveniersvak nooit meer los te laten. Dit was "spelen met de natuur"! Ik ontdekte dat je in een tuin dus dingen naar je hand kunt zetten, ruimtes kunt manipuleren, bloeitijden verzetten, noem het maar op. Al die jaren bleef ik in deze tuin komen: eerst als leerling, later als beroepsbeoefenaar, en weer later als chef en baas.

De opzet van de parkachtige tuin bleek goed te zijn: die bleef al die jaren overeind. Maar er veranderde natuurlijk ook van alles. De gewassen grindtegels uit de tijd van Mien Ruys (befaamd Nederlands tuinarchitecte in de vorige eeuw) werden vervangen door bakstenen. Van de heide in de voortuin was op een bepaald moment niets meer over. Die werd vervangen door wintergroene bodembedekkers. Ook het bomenbestand werd door de jaren heen flink uitgedund. Zelfs de kleinste dwergconifeer bleek nog reusachtig groot te worden.

Bijzonder is de relatie met de tuineigenaars. Uiterst sympathieke mensen: altijd even vragen hoe het thuis is. En, lekker direct ook: als ze vinden dat het Bourgondische Brabantse leven mij iets te veel goed doet, hoor ik dat binnen vijf minuten. Niet dat het ze iets aangaat, maar toch.

Ik zag hun kinderen hier opgroeien. Ik zag hoe in de tuin de mooiste boomhutten werden gebouwd. Zag ze jaren later ook nog halfrot in de bomen hangen en moest toen bespreekbaar gaan maken ze te verwijderen omdat ze een gevaar werden voor de veiligheid van mijn medewerkers. Het voetbalveld van weleer is nu een mooi Engels gazonnetje want de kinderen zijn al lang het huis uit.

Wat al die jaren bleef, is een oude perenboom. Die staat in de tuin en ziet er uit als de kromme klokkenluider van de Notre Dame en werd ooit genomineerd om gekapt te worden. Ik heb me daar toen fel tegen verzet. Niet elke boom hoeft toch kaarsrecht te zijn? Dit is een mooi grillig element. Met een beetje deskundig snoeien was ie ook best nog een beetje in evenwicht te krijgen. Jaarlijks gaat het bij de voorjaarsbeurt over deze boom. En jaarlijks hebben we er plezier om, wordt ik weer een beetje belachelijk gemaakt dat ik me al die jaren voor dit gedrocht heb ingezet en het nog steeds niets is. Maar voor de rest zijn de eigenaren altijd dik tevreden.

Nu de tuinbezitters met pensioen gaan, hebben ze eindelijk meer tijd zelf in hun tuin te doen. Dat begrijp ik en ik hoop dat ze het nog jarenlang kunnen. Maar heel stiekem van binnen hoop ik ook dat er af en toe nog eens een boom omwaait die wij dan mogen opruimen. Zodat het contact blijft bestaan en ik af en toe nog eens een blik op "mijn" perenboom kan werpen.

Jack van Haperen

Tuiniersyndroom

De dagen lengen, het licht wordt zachter en de temperatuur stijgt. Hebt u ook dat opgewonden gevoel om het winterse stof van u af te werpen en met het schuim op de bek en het zweet op het voorhoofd in uw tuin aan de slag te gaan?

Wellicht is deze drang zo sterk dat u lijdt aan het CGD-syndroom. Dat is een in het Engelse tijdschrift "The Hardy Plant"door A. Pankhurts beschreven dwangneurose. Het staat voor Compulsive Gardening Disorder oftewel obsessief-compulsieve tuinstoornis. Het is een psychische stoornis die, wellicht gelukkig, niet genezen kan worden. Enkele symptomen die kenmerkend zijn voor het CGD-syndroom zijn:

  • Verlies van wilskracht: onbedwingbare neiging om telkens weer nieuwe planten te kopen;
  • Aversie tegen gras: hoe langer mensen lijden aan het syndroom, hoe groter de aversie tegen gras wat zich uit in het voortdurend omspitten van stukken gazon om weer nieuwe aanwinsten te kunnen planten;
  • Compulsief aankoopgedrag: onbedwingbare neiging om te stoppen bij elk tuincentrum om naar de laatste tuintrends te speuren of nieuwe aanwinsten in te slaan;
  • Verlies aan ruimtegevoel; mensen die aan het syndroom lijden, verliezen in toenemende mate hun ruimtegevoel: ze kunnen telkens weer geen plek vinden voor een nieuwe plantensoort waarvan er ze er meteen tien tegelijk hebben aangekocht;
  • Selectieve geheugenproblemen: meer en meer problemen om bijvoorbeeld autosleutels te vinden maar geen enkele probleem met het onthouden van Latijnse namen zoals bijvoorbeeld Davidia involucrata vilmoriniana;
  • Onverdraagzaamheid tegenover mollen, muizen, konijnen, slakken en ander ongedierte dat in tuinen voorkomt;
  • Behoefte aan gezelschap van gelijkgestemden: vooral naarmate men ouder wordt, neemt behoefte aan contact met lotgenoten toe: ze worden dan lid van tuinclubs of gespecialiseerde plantenverenigingen;
  • Angstgevoelens, vooral in periodes van droogte, veel regen of strenge vorst;

Laatstgenoemde angstgevoelens tijdens de afgelopen winter zouden wel eens niet voor niets kunnen zijn geweest. Er zijn heel wat slachtoffers gevallen onder de halfzachte tuinplanten die de laatste jaren zijn toegepast: De meeste exemplaren van verschillende Ceanothus-soorten, Viburnum tinus, Laurierbes, Photina Red Robin en talloze bamboes staan er vreselijk slecht bij. Toch valt het vaak mee, het oude blad valt af maar de twijgen zijn niet bevroren. Krab voorzichtig aan de bast en kijken of die nog groen is. Als dat zo is, is er nog hoop. En als u aan het beschreven syndroom lijdt is er misschien goed nieuws dat er weer plek is voor nieuwe aanwinsten.

Jack van Haperen